Geroosterde aardappeltjes zijn een makkelijk bijgerecht voor bijvoorbeeld de feestdagen of bij een sunday roast. Ik heb ze gemaakt voor Thanksgiving, toen mijn lieve tante kwam eten. Ik serveerde er gegrilde kippen bij, die waren ingesmeerd met een zelfgemaakte knoflook/citroen/kruidenboter en heerlijk knapperig. Qua groenten sperzieboontjes en geroosterde bospeentje met balsamico.

Geroosterde aardappeltjes met tijm en rozemarijn

Wat heb je nodig?

  • 1400 gram kleine aardappeltjes zoals krieltjes of Roseval aardappeltjes
  • 4 eetlepels olie
  • 1 koffielepel gedroogde rozemarijn
  • 1 koffielepel gedroogde tijm
  • 1 bol knoflook, tenen gekneusd en in de schil
  • versgemalen peper
  • versegemalen zout

Ik doe de voorbereiding de dag voordat ik de aardappeltjes wil eten. Ik heb het idee dat als de aardappeltjes goed zijn afgekoeld, ze knapperiger worden in de oven.

Was de aardappels, je hoeft ze niet te schillen, en borstel ze voorzichtig droog. Kook ze dan in een pan met wat zout beetgaar. Giet ze af en laat afkoelen. Snij nu de oneffenheden van de aardappels af. Als ze lauw zijn zet je ze afgedekt in de koelkast.

Ongeveer 2 uur voordat je wil gaan eten kun je beginnen met de voorbereiding. Verwarm de oven alvast voor op 175 graden (hetelucht).

Snij de aardappeltjes doormidden of als ze groot zijn in vieren en doe ze in een grote schaal. Strooi er vervolgens de kruiden over met de peper, zout, knoflooktenen en de olie en hussel goed door elkaar zodat elk aardappelpartje bedekt is met olie. Bekleed een bakplaat met bakpapier en verdeel de aardappels erover. Zorg ervoor dat er geen aardappels op elkaar liggen, dan worden de onderste niet knapperig.

Schuif ze in de voorverwarmde oven, net onder het midden. Ik laat ze zo’n 1,5uur in de oven zodat ze heerlijk knapperig worden. Kijk tussendoor wel even of ze niet te donker worden. Zet zo nodig de oven wat lager of hoger.