Een heerlijke snack die je zo gemaakt hebt door het gebruik van kant & klaar taartdeeg – pastel goreng oftewel Indische pasteitjes.

Ik heb al eerder vermeld dat ik deeg maken verschrikkelijk vind. Ik heb de allereerste keer dat ik deze pasteitjes maakte wel het deeg zelf gemaakt maar dat was a) qua smaak hetzelfde b) te dik omdat ik het niet goed uitgerold kreeg. Vandaar dat ik heel simpel het hartige taartdeeg van Koopmans gebruik.

Dit recept is voor best wat pasteitjes, zo’n 45 – 50 stuks. Ik vries ze altijd in (per stuk in een boterhamzakje, alles bij elkaar in een grote diepvrieszak en in de oven opwarmen) maar wil jij er minder halveer dan gerust het recept.

Pastel Goreng – Indische pasteitjes

Wat heb je nodig?

  • 4-5 pakken Koopmans Hartig Taartdeeg
  • 500 gram rundergehakt
  • 1 winterwortel, in kleine blokjes
  • 2 kleine stokken prei, of 1 grote, in halve ringen
  • 2 flinke uien, gesnipperd
  • 6 tenen knoflook, geperst
  • 150 gram erwten (diepvries)
  • 1/2e klein pakje soe-oen
  • 1 eetlepel sambal oelek*
  • 1 theelepel djinten
  • 1 theelepel ketoembar
  • 1 theelepel zwarte peper
  • 1 theelepel kruidenzout
  • 1 koffielepel nootmuskaat
  • 1 eetlepel selderijblad
  • 1 eetlepel gula djawa siroop
  • 1 eetlepel ketjap manis

Kook wat water met de waterkoker en week de soe-oen daarin.

In een grote wok doe je wat olie en rul je het gehakt. Als dit geruld is voeg je de uien, knoflook, ketoembar, nootmuskaat, kruidenzout, peper, djinten en sambal* toe. Bak dit even aan voordat je de prei, wortel, gula djawa, selderijblad en de ketjap toevoegt. Laat de groenten zacht worden.

Knip de soe-oen met een schaar in kleine stukjes en giet af. Doe dit bij het mengsel, schep door en proef of er nog zout of peper bij moet.

Zet het vuur uit en laat het mengsel afkoelen.

Zorg ervoor dat het taartdeeg ontdooid is. Laat de plastic laagjes onder het deeg zitten en laat ze verspreid over je aanrecht zo ontdooien.

Verwarm je oliepan, wij gebruiken een oude frietpan zonder elementen. Deze zet ik op 190 graden. Je kunt ook een flinke laag olie warm maken in een gietijzeren pan, dan moet je wel op de temperatuur letten.


Nu kun je de pasteitjes gaan maken. Ik maak ze zoals je normaliter appelflappen maakt maar vouw de randjes naar binnen in plaats van dat je ze met een vork dicht drukt. Dit omdat ze anders open klappen in de hete olie.


 Als je er een gevouwen heb leg je deze op het plastic velletje tot je ze gaat bakken anders plakken ze grandioos aan elkaar en trek je ze kapot.


Ik bak ze met 2 – 3 tegelijk. Ik leg ze eerst op een schuimspaan en dan met de schuimspaan in de olie. Zo verbrand je je niet en trek je de pasteitjes niet kapot.


Het pasteitje zo vasthouden..


Dan ondersteboven op de schuimspaan..

En dan in de olie!

Laat ze enkele minuten in de olie tot de ene kant goudbruin is en draai ze dan om tot de andere kant goudbruin is.

Lekker als ze nog warm zijn maar ik laat ze altijd afkoelen, verpak ze dan per stuk in een boterhamzakje en dan doe ik er een hele hoop in een afsluitbare diepvrieszak. Zo kun je een pasteitje pakken als je er zin in hebt.

Als je ze wil opwarmen, doe ze dan eerst in de magnetron en daarna in de oven (180 graden) tot ze knapperig zijn.